U bent hier

Geschiedenis

De kunst van het distilleren begon met de Babyloniërs in Mesopotamië (nu Irak ) vanaf ten minste het 2e millennium vóór Christus , met parfums en aromaten die werden gedistilleerd lang voordat er drinkbare gedistilleerde dranken bestonden. Het proces van distillatie werd meegebracht vanuit Afrika naar Europa door de Moren en het gebruik ervan werd verspreid via de kloosters ,grotendeels voor medicinale doeleinden, zoals de behandeling van koliek , verlamming , en pokken .

Tussen 1100 en 1300 werd distillatie, via de monastieke distilleerderijen in Ierland in de 12e eeuw, verspreid in Ierland en Schotland. Gezien de eilanden slechts beschikten over een kleine hoeveelheid druiven, werd gerst gebruikt, resulterend in de ontwikkeling van whisky. In 1494 kende de Schotse schatkist de mout toe aan broeder John Cor. Dit was genoeg malt voor het maken van ongeveer 1500 flessen, de zaken floreerden!

Koning James IV van Schotland (r. 1488-1513), had naar verluidt een grote voorliefde voor Schotse whisky , en in 1506 kocht de stad Dundee een grote hoeveelheid van Scotch whisky van de gilde van Surgeon Barbers, die het monopolie op de productie hadden op dat moment. Tussen 1536 en 1541, ontbondt koning Hendrik VIII van Engeland de kloosters , en werden hun monniken uitgezonden tussen het grote publiek. Als gevolg hiervan verplaatste de whiskyproductie zich van een monastieke omgeving naar burgerwoningen en boerderijen waar de nieuwe, onafhankelijke monniken, een manier gevonden hadden om geld te verdienen voor zichzelf.

Het distillatieproces stond op dat moment nog in de kinderschoenen; whisky werden verhandeld op zeer jonge leeftijd en smaakte nog in de verste verte niet zoals de whisky die we vandaag kennen. Tijdens het Renaissance tijdperk werd whisky gemaakt die zeer krachtig en onverdund was en in sommige gevallen zelfs gevaarlijk voor consumptie. Na verloop van tijd, en met het gelukkig toeval dat uit een vat werd gedronken die enige tijd uit het oog was verloren is whisky uitgegroeid tot een veel zachtere versie.

In 1707, verenigden de ‘Acts of the Union’ Engeland en Schotland, waarna de belastingen op geestrijke dranken  sterk gestegen.

Na de Engelse 'Malt Tax' van 1725, was het grootste deel van de distillatie in Schotland ofwel uitgeschakeld,ofwel gedwongen ondergronds. Scotch whisky werd verborgen onder altaren, in doodskisten en in alle beschikbare ruimten om de taksen geheven door de overheid te vermijden. Schotse distillateurs maakten hun whisky 's nachts waar de duisternis de rook van de Stills verborg. Om deze reden werd de drank bekend als 'Maneschijn'. Op een gegeven moment werd geschat dat meer dan de helft van de whiskyproductie van Schotland illegaal was.

In Amerika werd whisky als betaalmiddel gebruikt tijdens de Amerikaanse Revolutie . Het was ook een zeer begeerde drank en wanneer een extra accijns werd geheven brak de 'Whiskey Rebellion' uit in 1791.

In 1823 stemde het Verenigd Koninkrijk de 'Excise Act', waardoor het distilleren werd gelegaliseerd (tegen betaling). Dit maakte een praktisch einde aan de grootschalige productie van Schotse maneschijn.

In 1826 werd door Robert Stein de ‘continuous still’ uitgevonden en in 1831, werd dit door 'Aeneas Coffey' verder verfijnd, wat resulteerde in de ‘coffey still’ wat het productieproces van whisky een stuk efficiënter en goedkoper maakte.

In 1850 begon Andrew Usher met de productie van een blended whisky die ontstond uit het combineren van whisky uit de traditionele ‘pot still’ met die van de nieuwe ‘Coffey still’. Deze nieuwe distilleermethode werd bespot door een aantal Ierse distillateurs, die vasthielden aan hun traditionele pot stills . Vele Ieren protesteerden tegen de benaming van het nieuwe product en gaven aan dat deze drank de naam whisky onwaardig was.

En In 1880 werd de Franse cognac industrie verwoest door de phylloxera plaag die het grootste deel van de druivenoogst verwoestte, met als gevolg dat whisky de belangrijkste drank werd op vele markten

Tijdens het Prohibition tijdperk in de Verenigde Staten dat duurde van 1920-1933, werd alle verkoop van alcohol verboden in het land. Maar de federale regering maakte een vrijstelling voor whisky die was voorgeschreven door een arts die een licentie had om te verkopen via apotheken. Gedurende deze tijd groeide de Walgreens apotheek keten van 20 winkels tot bijna 400.

 

Bron: Wikipedia

Copywright (c) 2016 by Friends of the Quaich